Onvrijwillig - Pieter Wijnsma

Onvrijwillig – ‘In een relatie moet je investeren’. Wie heeft het uitgemaakt? Voor de verwerking van een verbroken relatie is het van belang ‘wie de relatie heeft beëindigd’. Immers het voelt altijd beter de eer aan jezelf te houden dan dat een ander de relatie verbreekt.

Zou dat ook zo zijn in de verhouding tussen bestuurder en toezichthouder? Een eerste vingeroefening vormt dit boek Onvrijwillig. In een zeventig interviews met bestuurders en toezichthouders, in de not for profit sector, wordt stilgestaan bij het onvrijwillig vertrek van een bestuurder.

De tijd die tussen het vertrek en het interview zit blijkt een belangrijke rol te spelen in het reflectief vermogen van de bestuurder en toezichthouder. Bij de vertrekkende bestuurder is het tevens van belang of hij goed terecht is gekomen na het onvrijwillige vertrek, zo concluderen niet alleen de auteurs naar aanleiding van de door hen afgenomen interviews maar geven ook de geïnterviewden bestuurders zelf aan

Een aantal redenen voor onvrijwillig vertrek wil ik graag met jullie delen:
De bestuurder: er was geen duidelijke profielschets, er was geen heldere opdracht geformuleerd, er was geen draagvlak voor mijn komst, de problemen waren groter dan geschetst en ‘ik wilde te graag en heb me onvoldoende afgevraagd of ik bij deze organisatie paste’. En ten slotte ‘de relatie met de Raad van Toezicht heb ik onvoldoende vorm en inhoud gegeven’.

De toezichthouder: wij reageren op interne signalen van MT, OR en of CR, op externe signalen van bijvoorbeeld IGJ en zorgverzekeraars. ‘Wij zien dat de kwaliteit onder druk staat en de financiële resultaten te wensen over laten. De stijl van leidinggevende, in houding in gedrag ook naar de raad van toezicht toe achten wij niet passend’.

Een belangrijke vraag die bij mij opkomt is in hoeverre zowel bestuurder als toezichthouders lering trekken uit hetgeen gebeurd is. Dat kan bijvoorbeeld zijn door na te gaan of de argumenten, die bij de aanname van de bestuurder een rol speelden, ook bij zijn vertrek een rol blijken te spelen. Houden bestuur en toezicht wel voldoende bij elkaar de vinger aan de pols? De RvT vanuit haar werkgeverspositie en de bestuurder vanuit haar werknemersrol. Je moet immers wel allebei willen bewegen en dezelfde dans met elkaar willen dansen!

Wat leert dit boek ons? Hierover kan ik kort zijn: in een relatie moet je investeren, in tijd, aandacht en met liefde. Als je dat niet doet dan bloedt het dood. Ook bestuurders en toezichthouders zijn net mensen.

Ik wacht vol spanning het volgende boek af over Onvrijwillig vertrek van commissarissen en leden van raden van toezicht.